Beelddenken
Wat je zou moeten weten
over beelddenken
Hoe denk jíj eigenlijk? In woorden, in beelden? Is het meer kinesthetisch, oftewel: voel je
wat je denkt? Of ruik en proef je wat je denkt? Vind je dit een gekke vraag?
Iedereen denkt toch op dezelfde manier? Of niet soms? Nee dus! Het is een wijdverbreid misverstand om te
denken dat ieder mens dezelfde denkstrategie heeft. Dat misverstand is wellicht één van de oorzaken voor
leerstoornissen. Iemand die niet in de gelegenheid wordt gesteld om op zijn eigen manier te denken of te leren, kan
daardoor aardig in de war raken. Hij of zij kan vervolgens ook nog emotioneel geblokkeerd raken. Een van de
manieren om te denken is het zogenaamde ‘beelddenken’. Het is een veel voorkomend verschijnsel dat op zich
niet tot een leerstoornis hoeft te leiden.
Iemand die bij voorkeur in beelden denkt, kan heel intelligent zijn. Het is een hele snelle manier van denken:
in één beeld omvat je het hele probleem. Of overzie je het geheel. Het lastige is dat je dat beeld niet zo
snel in woorden, zinnen of cijfers kunt omzetten. Het ontbreekt de beelddenker nogal eens aan geduld:
het volgende beeld vraagt namelijk alweer de aandacht. Ook weet men vaak niet waar men moet beginnen. Op school is
dit vaak de aanleiding tot een reeks problemen. Als er dictee wordt gegeven heeft het beelddenkende kind direct een
plaatje van de zin in het hoofd. Maar de bijbehorende woorden is het vaak direct kwijt. Het beeld
vraagt alle aandacht. De overstap naar woorden is te groot. Vaak ergert men zich aan het fantaseren, men vindt het
kind een dromer.
Moeten deze kinderen dan maar afleren om in beelden te denken? Nee, liever niet! Beelddenken is een
praktische, zinvolle manier van denken die men zeker niet moet afleren. De meeste mensen denken behalve in
woorden en zinnen ook in beelden. Maar dan zijn die beelden een ondersteuning van de zinnen. De beelden laten zich
zonder moeite in zinnen vertalen. Een beelddenkend kind daarentegen zal bij een dictee bij voorkeur een beeld
krijgen van de zin en niet weten hoe je de afzonderlijke woorden op papier krijgt.
Waaraan kan men de
beelddenker herkennen?
In het algemeen is de volwassen beelddenker een opgewekte persoonlijkheid, die
bijzonder creatief en vindingrijk kan zijn. Beelddenkers zien vanuit hun wijze
van denken de oplossing van moeilijke of ingewikkelde situaties. Zij hebben het antwoord als het ware ‘voor ogen’
en kunnen zodoende vaak goed organiseren. Soms maken zij een wat trage, slome
indruk door hun naar binnen gekeerde gedrag, want alles moet eerst bekeken worden voordat zij in taal
kunnen reageren. Stoor hun niet op zulke momenten, want juist dan zijn zij hard aan het werk, hoewel het net lijkt
of ze niets doen en niet echt met de omgeving meewerken. Veel beelddenkers hebben zogenaamde
woordvindingsproblemen. Ze zeggen vaak ‘dinges’, ‘die’ en ‘dat’, 'zus en zo' etcetera, beginnen
midden in een verhaal, en geen mens weet waarover ze het hebben.
Het beeld dat beelddenkers hebben, verdringt het woord. Zij moeten het beeld opzij zetten om het woord
letterlijk te kunnen vangen. En dan nog dekt het woord niet het beeld dat zij zagen. Probeert men hen te
helpen door een woord aan te reiken, dan wordt er soms kribbig gereageerd. Hulp brengt hen nou eenmaal in de war,
en (zoals ze zelf zeggen) het loopt door hun oorspronkelijk beeld heen.
Niet alleen als kind, maar ook als volwassene hebben zij veel moeite zich aan de gangbare normen te
houden. Ordenen is hun zwakke punt, zij zijn vaak bijzonder dankbaar als een ander de zaak weer op orde
brengt.
Dat geldt ook voor het besef van tijd: die is er doorgaans niet. Het ontbreekt er zelfs aan dat ze de
klok in de gaten houden. Ook dan is het voor hen fijn wanneer iemand anders hun daaraan helpt te herinneren,
zodat ze op tijd drinken, eten én gaan slapen.
Het zal je niet verwonderen dat menig beelddenker last heeft van startproblemen. Maar als ze
eenmaal over die drempel heen zijn, zijn ze bijna niet meer te stoppen. Wat ze (aan beeld) in hun
hoofd hebben, moet eerst afgemaakt worden! Anders hebben ze het gevoel het 'kwijt' te zijn. Dat is dan ook vaak het
geval. Vandaar dat een beelddenker nog wel eens de neiging heeft om iets direct te willen, anders vergeten ze het.
Of dus persé met iets willen doorgaan. Kan dat niet, dan kunnen ze flink boos worden. Zeker als ze
daarna niet meer weten wat ze nu wilden vragen, zeggen of doen...
|